Loading
 
 
sandrasmets.nl / oude kunst / moderne devotie
Devoot protest tegen de losbandigheid
(NRC Handelsblad, 10 november 2011)

Wat een ijdelheid, een tweede Toren van Babel! Toen in de 14e eeuw de Utrechtse domtoren werd gebouwd, oogstte dit behalve bewondering ook kritiek. Geert Grote, toen kanunnik in Utrecht, schreef een traktaat 'Tegen de Utrechtse toren' waarin hij voorspelde dat deze hoogmoed, die geen enkele functie had behalve praalzucht, net als die eerste toren van Babel ineen zou storten.

Het was geen heel handige tijd voor dure bouwprojecten. Europa verkeerde in crisis, de pest eiste de levens van een op de drie Europeanen. Tegen dat decor stak de rijkdom en de losbandigheid van de geestelijkheid schril af. Voordat ook Grote aan de pest bezweek, was hij na een losbandig leven tot inkeer gekomen. Hij ging een nieuwe leer prediken, over soberheid en innerlijke vroomheid. Het werd een protestbeweging, Moderne Devotie gedoopt, die in de late Middeleeuwen Noord-Westeuropa veroverde. Deze leer klinkt in zekere zin door in de spirituele behoeften aan privévroomheid in onze ontkerkelijkte samenleving. In twee tentoonstellingen over deze Middeleeuwse beweging in Zwolle, destijds een centrum van Moderne Devotie, is het zelfs op een doordeweekse dinsdagmiddag loeidruk.

Het Stedelijk Museum Zwolle toont traktaten van Grote en de inventarissen van een zogezegd goed en een fout klooster. In de vitrine van het goede klooster liggen onversierde tegels, eenvoudige ornamenten. De vitrine van het foute klooster heeft rijk versierde baardmankruiken en een albasten pietà – een voorstelling die geliefd was in vrouwenkloosters. Ook over vrouwen was Grote helder, ze waren dom en egoïstisch en an sich al reden genoeg om het celibaat te kiezen.

Moderne Devotie was behalve een aanklacht tegen decadentie ook een pleidooi voor het vinden van een persoonlijke relatie tot God. Hiervoor pleitte Thomas a Kempis in zijn boek Navolging van Christus, een soort bestseller waarvan het door hem geschreven origineel nu in Zwolle te zien is. Ook kunst hielp het vinden van devotie. De triomferende Christus als heerser over de wereld werd ingeruild voor kruisigingsscènes. Je ziet er de angsten van de tijd aan af: zelden waren Christussen zo grauw en uitgemergeld, overdekt met wonden alsof het pestbuilen waren. Maria houdt haar dode zoon vast of vouwt godvruchtig de handen, een handreiking naar de kerkgangers die rouwden om hun eigen doden. Door de museumzalen weerklinken gezangen: muziek, mits zacht gezongen, hielp vroomheid.

De exposities bewijzen soberheid verschillende smaken kent. Geert Grote liet geen portretten maken, dat was maar ijdelheid - Thomas a Kempis had daar minder moeite mee. Je kunt je afvragen wat Grote ervan zou vinden dat zijn schedel al eeuwen in een pronkkastje wordt geëxposeerd, zoals de te aanbidden botten van heiligen. En Kempis' skelet is later opgegraven en in stukjes uitgedeeld, ook als een soort reliekenverering, waarvoor je niet te recht in de leer moet zijn.

Het boeiende van deze tentoonstellingen is dat ze een spiegel vormen van onze tijd: de ideeën lijken dichtbij, Kempis echoot door in glossies als Happinez. De beeldenpracht is mijlenver verwijderd van onze moderne wereld. Vooral in de Fundatie fonkelt het goud uit de handschriften je tegemoet. Vooruit, het perkament was van mindere kwaliteit, de boeken klein, veel pagina's relatief kaal. Toch konden de curatoren de manuscripten gemakkelijk openslaan bij kleurrijke heiligen met gouden aureolen (en dikken ze de show nog wat aan met wandvullende animaties).

Als deze kunst destijds voor sober moest doorgaan, begrijp je dat je kon wachten op grotere protesten. De Moderne Devotie sneuvelde begin zestiende eeuw door de veel fellere Reformatie. Hoe die met kunst om ging is ook te zien in de tentoonstellingen, waar sommige heiligenbeelden nog wel de handen vouwen, maar het katholiek gebogen hoofd er resoluut af gehouwen is.



Tentoonstellingen: Verschillende tentoonstelling t/m 8 januari 2012 in Zwolle, waaronder Moderne Devotie in het Stedelijk Museum Zwolle, Melkmarkt 41; Van Albrecht Dürer en Thomas a Kempis in de Fundatie, Blijmarkt. (afbeelding Stedelijk Museum Zwolle: Getijdenboek in de samenstelling van Geert Grote met een miniatuur van Christus met een boek, ca, 1460-1470, Museum Catharijneconvent, Utrecht. Foto Ruben de Heer).

sandrasmets.nl / oude kunst / moderne devotie