Loading
 
 
sandrasmets.nl / mediakunst / braeckman bhimji
Strelen met de camera
(H ART, 20 december 2012)

Bind je haren als een blinddoek voor je ogen, je hartslag in je hals, je pols, je mond... halsketting van vlees. We liggen in een kamer als een groot lichtgevend hart. Onophoudelijk, van niemand dus van iedereen, een hijgend ding, liggen we, veelkoppig hart, eenstemmig te pulseren.

Aldus de slotzinnen van het gedicht van Peter Verhelst dat bij wijze van zaaltekst Dirk Braeckmans tentoonstelling begeleidt. Deze poëzie riekt naar een verleidelijke erotiek en op zich tonen de foto's ook een intiem samenzijn. Armen, borsten, een navel, heel veel haar, verstrengelde ledematen, alle vijfentwintig foto's zijn zo dicht op de blote huid gefotografeerd dat het lijkt alsof de camera mee ging strelen en vergat te kijken. Het is niet te zeggen wat nu precies te zien is.

Dat maakt deze foto's onvergelijkbaar met de erotische beelden uit de media en beeldcultuur, waar seksualiteit rondborstig en helder uitgemeten wordt. Braeckmans blik is anders: zwart-wit, vreemd belicht, benauwd, met een camera die niet het overzicht zoekt maar liever in allerlei oksels verdwijnt. Daardoor lijkt ook de kamer om deze geliefden heen benauwd aan te voelen. Al kan dat ook komen door voorkennis over het oeuvre van Braeckman, een kunstenaar die houdt van bedompte ruimtes en plekken waar nooit het daglicht binnenvalt.

De bovenzaal in De Appel geeft blijk van die interieurfotografie. In de hoge zaal hangen acht hoge werken, alle hetzelfde staande formaat, net iets kleiner dan een deur, allemaal in Braeckmans kenmerkende donkergrijze toonschaal. Ze tonen coulissen, vloeren, gitzwarte ruimtes, en al is daar absoluut niets onzedigs op aan te merken, ook dit is kunst waar niets gezien lijkt te mogen worden. Het is er diep donker. De acht werken hangen er plechtig, bijna als abstracte kunst in een kapel, sereen en ondoordringbaar zwart-grijs.

Één foto laat een menselijke schim zien. In een kamer, ook weer muf, zoomt Braeckman in op een hoek waar een zwarte gecapitonneerde bank staat met op de muur ernaast een diaprojectie van een zanger. Het is een Elvisachtige figuur, met een grote glimlach en een microfoon, een toonbeeld van leven en lust. Maar een verstilde foto van een levendig moment heeft altijd een gevoel van voorbijheid in zich, van het weggestorven ogenblik. Dat contrast maakt deze foto nog stiller dan die andere zeven decors die eromheen hangen – een stukje tegelvloer, een portiek, een hoekje van een vlekkerig tapijt dat onder zware gordijnen uitpiept.

Het is een gave dat Braeckman zulke ontzettend saaie onderwerpen zo mooi weet weer te geven. Dat wordt versterkt door Verhelsts poëzie. Want ook Braeckman streelt, maar met zijn camera. Je ziet bijna niets, maar wat je ziet oogt zo aaibaar, sensueler dan de prozaïsche werkelijkheid. Dat strelen met de camera zie je ook aan de film van Zarina Bhimji, die tegelijk met Braeckman exposeert. Bhimji filmt op een manier die veel meer in beeld brengt dan dat Braeckman doet. Zo trok ze met haar camera door India, langs plekken die vol dynamiek waren in de tijd van het Britse kolonialisme en die nu compleet verlaten en vervallen zijn. Ze komt langs archiefkasten waar de wind door kapotte ramen langs de rafelige dossiers waait. Dikke pakken met documenten zijn het, die ooit belangrijk waren, en nu net als oude foto's vooral een registratie van een voorbij moment zijn, net als de Elvisschim bij Braeckman.

Waar Braeckmans vreemde belichting een sluier over zijn foto's legt, waardoor je altijd beseft dat je naar een voorbij moment kijkt, zo werkt de vergeeldheid van Bhimji's dossiers als een vanitassymbool. Haar camera glijdt langs een marmeren sculptuur, snuffelt langs de prachtig uitgehakte kanten manchetten, via heerserssymbolen omhoog om aan te belanden bij het gezicht: de Britse koningin, half onthoofd, ook als een symbool maar dan van de onafhankelijkheid.

Bhimji voert je mee, langs de flora en fauna die de koloniale architectonische pracht overnemen, langs beschimmelde muren, langs roestige ventilatoren, vergezeld van een troostrijke soundtrack waarin flarden radio-uitzendingen uit het Grote Britse Rijk krakerig doorklinken en zachtjes wegsterven. Het is een wereld die compleet in de steek gelaten is. Waar Braeckman met zijn zwart-witblik de mens in beeld brengt, intimiteit, zelfs in zijn mensloze maar doorleefde en bijna ruikbare omgevingen, neemt Bhimji ons mee langs de kleurige verschotenheid van een voorbije wereld die groter is dan wat dan ook. Zo vullen ze elkaar prachtig aan – nota bene een Belgische zwart-witfotograaf en een Indiaas-Oegandees-Britse videokunstenaar. In Bhimji's wereld zijn geen mensen meer om de radiogeluiden te horen, zodat haar wereld net zo stil lijkt als de geluidloze film van Braeckman in de filmzaal van De Appel. Zijn camera zoomt in op een grote bronzen kerkklok die slaat, wat oorverdovend zou moeten klinken. Hij slaat maar en slaat maar. Toch blijft het doodstil in de filmzaal.



Zarina Bhimji, Dirk Braeckman t/m 31 maart 2013 in De Appel, Prins Hendrikkade 142, Amsterdam (NL). Di-za 12-20u., zo 12-18u. www.deappel.nl (foto: filmstill uit Yellow Patch, van Zarina Bhimji)

sandrasmets.nl / mediakunst / braeckman bhimji