Loading
 
 
sandrasmets.nl / installaties / jan fabre
Als Jan Fabre's werk groeit, verdwijnt de subtiliteit
(NRC Handelsblad, 13 april 2011)

Stel je wilt kunstenaar te worden, met welk zelfportret presenteer je je aan de wereld? Al in 1978 maakt de Belg Jan Fabre (1958) een grote realistische sculptuur Ik, aan het dromen . Het is de kunstenaar op ware grootte, aan tafel, met een Beuysz-achtig hoedje op. Alles is bedekt met het goedkope goud van koperen punaises en omwikkeld met rottend vlees. Droomt hij dat hij een onaantastbaar gevaar is? Op de stekelige punaisetafel staat een microscoop als voorbode van een oeuvre dat zal gaan over micro- en macrokosmos, mens en natuur, leven en dood. Zaterdag opende in het Kröller Müller museum een tentoonstelling met ruim dertig jaar Jan Fabre.

Binnen ziet de bezoeker meteen een reeks bollen die zowel planeten lijken als eicellen, bedekt door zaadcellen. Ze zijn gemaakt van het beroemde Muranoglas. Sinds de punaises is veel gebeurd en kan Fabre zich luxueuze materialen permitteren. Niemands bronzen sculpturen glimmen zo hard als zijn buitenbeelden Fabre's assistenten zullen geen luizenleventjes hebben. Zijn meest opmerkelijke materiaal is de scarabee. Deze ooit heilige kever geldt nu als ongedierte. Sommige soorten hebben groenglanzende schilden, die Fabre met miljoenen verwerkt in collages. Eén zaal toont een recente serie over hot topic Belgisch Congo. De kevers vormen pointillistische voorstellingen: Leopold, Lumumba, een zweep. Daartussen ligt een omgekieperd plafond van het koninklijk paleis: de koloniale macht is gevallen. Alles is in prachtige glanskevers bedekt, inclusief een complete kroonluchter.

Dat heeft een groots theatraal effect waar Fabre patent op heeft: behalve beeldend kunstenaar is hij ook theatermaker. Toen hij eind jaren zeventig begon, was de taboedoorbrekende performancekunst uit de jaren zestig alom bekend. De Wiener Aktionisten hadden in voorstellingen zich verminkt en met bloed besmeerd. Ook andere performancekunst ging over de link tussen kunst en maker, waarin het lichaam centraal staat. Fabre maakte al vroeg performancevideo's over lichamelijke functies: zoenen, spugen, slaan, springen.

Ook in andere opzichten is hij schatplichtig aan de jaren zestig: Arte Povera ging over het werken met vreemde materialen, Piero Manzoni blikte zijn uitwerpselen in. Het zijn vast geen slootbeestjes onder de microscoop van de dromende Fabre in 1978. Hij begon in die jaren tekeningetjes te maken met bloed, urine, sperma en tranen. Ze gaan over angsten, seks, voortplanting dood en leven. Fijne schetsjes zijn gebobbeld door tranen, waarvan hij de aanleiding noteerde relatieproblemen, spiritualiteit, uien. Grote thema's, humor en schoonheid, mooi samengebald op kleine velletjes.

Maar als zijn werk gaat groeien, verdwijnt die subtiliteit. De kunstenaar die zijn eigen brein probeert te mennen is een brein van keramiek en polyester. Daarop staat een mannetje met teugels: een simpelweg letterlijk uitgevoerde metafoor. Eén-dimensionaal zijn ook zijn knekelbergen van Muranoglas, waar geslachtsdelen en harten op liggen die hij maakte van echte mensenbeenderen. Nog één-dimensionaler is zijn Fontein van de wereld (als jonge kunstenaar) uit 2008: een wassen beeld van een dode Fabre ligt tussen gehouwen grafstenen. In een jeans outfit zoals altijd lijkt hij wederom een gevestigd rebels voorbeeld, Ik Jan Cremer. Alleen steekt uit de openstaande spijkerbroek een penis in erectie die een grote fontein van sperma produceert. Officieel gaat het over leven en dood, maar in de praktijk is het shock-art.

Het is een wisselvallige tentoonstelling. Want ineens zie je dan toch weer iets moois: op het dak bij de ingang staat een bronzen mannetje met liniaal de hemel op te meten. Tussen de jaren zeventig buitenbeelden die daar standaard liggen, metersbrede constructies, is dit een mooie ironische relativering. Daar staat de kunstenaar als klein mannetje dat zich wil meten met God, schepper van de hemel. Tenminste, laten we hopen dat het echt alleen maar zelfspot is.

Jan Fabre Hortus/Corpus, t/m 4 september in het Kröller Müller Museum, Houtkampweg 6, Otterlo. Di-zo 10-17u. Inl.: 0318 591241 / www.kmm.nl

sandrasmets.nl / installaties / jan fabre