Loading
 
 
sandrasmets.nl / 20e eeuw / richard hamilton
Serieuzer dan die ene olijke collage deed vermoeden
(NRC Handelsblad, 14 september 2011)

Vond Amerika of Engeland de Pop Art uit? Engeland, zeggen veel kunsthistorici. Voor hen is de collage 'Just what is it that makes today's homes so different, so appealing?' (1956) van Richard Hamilton de winnaar. Hamilton overleed gisteren, op 89-jarige leeftijd. Tot een week voor zijn dood was hij bezig met de voorbereidingen van een museaal retrospectief.

Voor de beroemde collage componeerde Hamilton uit tijdschriftenfoto's een huiskamer vol nieuwe apparaten uit de opkomende consumptiemaatschappij. Een pinup zit op de bank en een bodybuilder, toonbeeld van de maakbare mens, kijkt de beschouwer aan. Voor veel kunsthistorici is deze collage meer Pop Art dan wat de Amerikanen in dat jaar deden: de vlaggenschilderijen van Jasper Johns waren toch nog erg traditioneel handgeschilderd. Hamiltons collage belandde in de kunstgeschiedenisboekjes. En zoals dat gaat met iconische kunstwerken had het een eigen ontstaansmythe: het plakwerkje was eigenlijk maar een terzijde geweest, een grapje. Hamilton had het ontworpen als posterbeeld voor een veel serieuzere tentoonstelling, over moderne woonbehoeften.

Waar de snelle Amerikaanse Pop-artists veelal een reclameachtergrond hadden, kwam Hamilton uit de kunst. Hij volgde al jong 's avonds schilderlessen. Toen de oorlog uitbrak, ontliep hij dienstplicht door een combinatie van studie aan de Royal Academy en werkzaamheden als technisch medewerker. De academie stuurde hem weg omdat hij zich niet aan de regels hield, waarop hij alsnog in dienst moest. Na de oorlog volgde Hamilton opnieuw een kunstopleiding en in de jaren vijftig begon hij te exposeren, waarbij hij latere Britse Pop artists ontmoette zoals Peter Blake en Eduardo Paolozzi.

Zijn Amerikaanse tijdgenoten leerde hij kennen in 1962. Hamiltons eerste vrouw Terry stierf in een auto-ongeluk waarop hij weg wilde, naar Amerika. Daar zag hij dat Engelse Pop toch fundamenteel anders was dan de Amerikaanse variant. Het was duidelijk kritischer op het materialisme dat voortvloeide uit de opkomende welvaart die de Amerikanen bezongen – banaal, vond Hamilton die beelden van hamburgers en Presley.

Hij was dan ook serieuzer dan zijn olijke collage doet vermoeden. Met mediabeelden wilde Hamilton onder meer de rol van mechanica en onzichtbare structuren in de ons omringende wereld onderstrepen. Daarnaast koos hij nieuwsfoto's die voor hem meerdere maatschappelijke betekenissen hadden. Het grimmige Swingeing London (1967) toonde arrestaties van Mick Jagger en zijn manager wegens drugsbezit. Feller nog werd zijn werk in de jaren tachtig toen hij de IRA-gevangenen die hun cellen met uitwerpselen besmeurden, portretteerde met referenties aan Jezus.

Hamilton was invloedrijk en veelzijdig. Hij ontwierp de witte platenhoes voor de Beatles, maakte tekeningen naar James Joyce's Ulysses – geëxposeerd door Museum Boijmans Van Beuningen – en bleef intussen altijd de politiek volgen. Vier jaar geleden maakte hij een fotocollage van Tony Blair als cowboy. Maar geen enkel werk zou de mythische proporties krijgen als die ene per ongeluk gemaakte collage van een halve eeuw geleden.

 

sandrasmets.nl / 20e eeuw / richard hamilton